Impactmakers: Ben ik nog veilig als vrouw in de journalistiek?
Ze staan nog aan het begin van hun carrière, maar denken al diep na over het vak. Tweedejaars studenten journalistiek van Fontys in Tilburg onderzoeken voor het vak 'de impactmakers' hun eigen positie in de journalistiek: ze lezen literatuur, spreken een expert of journalist en schrijven een persoonlijk essay over een dilemma dat hen bezighoudt. Uit de volledige lichting selecteerden docenten de zes sterkste essays, die Villamedia de komende weken publiceert. Deze week is het woord aan Sterre Nouwen over de veiligheid van vrouwelijke journalisten.
‘Hoer’, ‘huppelkut’ of het bevel dat ze ‘moeten gaan schoonmaken’. Ik wist niet dat het zo heftig was: vrouwelijke journalisten worden door hun werk bedreigd, uitgescholden of geconfronteerd met agressie. Toen ik hier dieper indook schrok ik van de resultaten. Over twee jaar sta ik zelf in het veld als jonge vrouwelijke journalist. Ik wil verhalen vertellen, vragen stellen en factchecken. Maar kan ik dat wel veilig doen? In dit essay wil ik onderzoeken hoe gevaarlijk een vrouwelijke journalist zijn is. Ik wil geen slachtofferoverzicht maken maar echt begrijpen wat dit patroon zegt over de journalistiek. Een beroep dat juist staat voor vrijheid en gelijkheid. Is dit vak gevaarlijker voor vrouwen dan voor mannen? En wat betekent dat voor mij, een 19-jarige student journalistiek die straks zelf het veld in moet?
Twijfel en angst
Ik heb een hart voor journalistiek. Ik wil verhalen vertellen en machthebbers controleren. Toch merk ik dat er iets knaagt. Ik ben jong, ik ben vrouw en ik heb blond haar en blauwe ogen. Soms vraag ik me af of dat detail ertoe doet, maar de manier waarop vrouwelijke journalisten behandeld worden, geeft me het gevoel dat uiterlijk wel een rol speelt, niet alleen in hoe serieus je genomen wordt, maar ook in hoe snel je het doelwit wordt. Zoals bij Anne Fleur Dekker, toen ze zich terugtrok om haar woord te doen bij GeenStijl. Als reactie kreeg ze dit: “Nou. Die danspaal die we voor een paar duizend piek op de redactie hadden gezet, kan d’r weer uit. Anne Fleur komt toch niet voetballen met de grote jongens.”
In een rapport van het College voor de Rechten van de Mens wordt bevestigd dat vrouwelijke journalisten duidelijk vaker slachtoffer zijn van agressie, intimidatie en bedreiging dan hun mannelijke collega’s. Mannelijke journalisten krijgen natuurlijk ook kritiek of haat, maar die richt zich vaker op hun werk, hun politieke voorkeur of toon. Vrouwelijke journalisten daarentegen worden aangevallen op hun uiterlijk of privéleven.
De cijfers liegen er niet om. Uit onderzoek van Odekerken & Das in 2019 blijkt dat 50% van de 366 ondervraagde vrouwelijke journalisten in Nederland weleens is geïntimideerd tijdens het werk. Vrouwen moeten soms noodgedwongen hun werk aanpassen: 18% vermijdt bepaalde onderwerpen, 23% mijdt locaties of groepen, 27% is bang om nieuws naar buiten te brengen. Als vrouwen noodgedwongen dingen niet meer kunnen doen, is dat een bedreiging voor de persvrijheid. Wat gebeurt er met de journalistiek als journalisten zelf publicatie gaan mijden?
Onder vuur
Het onderzoeksrapport van PersVeilig maakt duidelijk hoe groot dit gevaar is. Acht op de tien vrouwelijke journalisten kreeg het afgelopen jaar te maken met agressie of intimidatie, vooral online. Twitter (nu X) springt eruit: een kwart van alle incidenten vond daar plaats. Het gaat vaak om seksistische beledigingen, nepnieuws of het verspreiden van leugens. De helft van de vrouwen ziet een toename in de laatste vijf jaar. Mannen krijgen ook online haat, maar die is vaker inhoudelijk, gericht op hun politieke kleur of betrouwbaarheid. Bij vrouwen gaat het juist over hun lichaam of stem.
Een citaat uit een anoniem interview uit het rapport raakt me: “Met mijn familie bespreek ik het niet zo want die worden daar heel bang van.” Die eenzaamheid, het gevoel dat je anderen niet wilt belasten, lijkt me zwaar. Zes op de tien vrouwelijke journalisten moeten hun werk aanpassen, sommigen konden tijdelijk helemaal niet werken. Het idee dat ik later iets wat ik leuk vind om te doen moet stoppen door bedreigingen vind ik een enge gedachte.
Zelfs in de redactie niet altijd veilig
Het gevaar komt niet alleen van buitenaf. Omroep WNL liet zien dat ook binnen redacties vrouwen kwetsbaar zijn. Terwijl ik dan denk dat je op een redactie met journalisten juist veilig moet zijn. Maar onder leiding van Bert Huisjes heerste er een angstcultuur. Vrouwen beschrijven pesten, intimidatie en discriminatie. Eén mail aan een journaliste waarin stond dat ze maar moest “afvallen als ze meer tv-ambities had”, zegt al genoeg. Presentatrices als Merel Westrik spreken over mentale mishandeling. “Hij luisterde niet, er was alleen maar druk en dreiging. Toen ik kort daarna mijn ontslagbrief inleverde, moest ik op het matje komen.” Dat dit kon gebeuren binnen een publieke omroep is eng. Veiligheid is dus niet vanzelfsprekend, zelfs niet binnen je eigen werkkring.
Wereldwijd probleem
Het probleem is niet uniek voor Nederland. Uit een UNESCO-enquête (2021) blijkt dat 73% van de vrouwelijke journalisten wereldwijd online geweld ervaart. Een kwart kreeg fysieke dreigementen, bijna één op de vijf dreigementen met seksueel geweld. In landen als Noord Macedonië en Bulgarije moesten journalisten zelfs vluchten. In Brazilië waren president Bolsonaro en zijn ministers persoonlijk verantwoordelijk voor aanvallen op vrouwelijke journalisten. Het rapport The Chilling (UNESCO/ICFJ, 2023) laat zien dat dit verder gaat dan schelden of dreigen: vrouwen worden aangevallen met gemanipuleerde foto’s, digitale hacks en reputatieschade.
De redactie als vangnet
Chef van het AD Rotterdams Dagblad, Marije van ’t Hoog, vertelde mij dat veiligheid op de redactie vooral draait om voorbereiding. “Ik hou rekening met de persoon, niet zozeer of het een vrouw of een man is, maar meer: waar stuur ik iemand naartoe en hoe (on)veilig is het daar?” Toch ziet ze dat vrouwelijke journalisten soms in kwetsbare posities belanden. Ze vertelde over een collega die tijdens een interview grensoverschrijdende opmerkingen kreeg.
“Dat kan natuurlijk niet,” zei Van ’t Hoog. “Ze is direct vertrokken, maar het laat zien hoe snel grenzen kunnen vervagen.” Op de redactie proberen ze dat te voorkomen door verslaggevers bij voorkeur niet alleen naar risicovolle plekken te sturen. “Je kan het niet altijd voorkomen dat een journalist in onveilige situaties terechtkomt,” zei ze, “maar je kan wel zorgen dat niemand er alleen voor staat.”
Mijn toekomst
Als ik dit allemaal lees, vraag ik me af: kan ik dit vak wel veilig uitoefenen? Journalisten zijn altijd kwetsbaar. Maar vrouwen worden structureel harder geraakt. Hun geslacht wordt ingezet als wapen: beledigingen gaan over uiterlijk, bedreigingen zijn seksueel en binnen redacties is machtsmisbruik vaak gendergerelateerd. Het bevestigt dat ik straks misschien niet alleen beoordeeld word op mijn werk, maar ook op mijn uiterlijk. Dat ik onderwerpen moet gaan mijden omdat ik bang ben voor reacties. Of dat ik mijn familie dingen verzwijg om ze te beschermen.
Dat vooruitzicht vind ik beangstigend. Er moet iets veranderen. Redacties moeten laten zien dat ze achter hun mensen staan. Veiligheid moet vanzelfsprekendheid zijn. En vrouwen moeten zich niet hoeven aanpassen om te blijven, de journalistiek moet veranderen. Ik laat mij in ieder geval niet afschrikken door de realiteit. En ik hoop ook dat ondanks alles vrouwen zich niet laten wegslaan uit dit vak.


Praat mee