— woensdag 8 oktober 2008 13:54 | 45 reacties , praat mee

Waarom ik jullie arrogant vind

De journalistiek is op de verkeerde leest geschoeid. Achter de heersende objectieve methode schuilt een hoogmoedig mensbeeld. De remedie is eenvoudig: wees nederig.

Laatste wijziging: 9 oktober 2008, 12:58

Hoe geef ik het primaat aan de werkelijkheid? Dat is naar mijn idee de meest fundamentele vraag die een journalist zich kan en moet stellen. Het antwoord van het huidige journalistieke systeem stuit mij echter tegen de borst. Dat systeem denkt de complexe en kleurrijke werkelijkheid te kunnen reduceren tot het zwart en wit van inkt en krantenpapier. Een hoogmoedige vergissing. Want dat is wat het is: een kwestie van hoogmoed en nederigheid.

Volledige objectiviteit bestaat niet. Het gros van de journalisten lijkt het met die stelling eens te zijn. Logischerwijs zou het heilige geloof in feiten en in een objectieve verslaggeving hierdoor op bezwaren moeten stuiten. Dat is ook gebeurd. Eerst in de Verenigde Staten en veel later in Nederland. Men ontwikkelde daarop een manier om met die bezwaren om te gaan; een oplossing die is uitgegroeid tot de kern van de hedendaagse journalistiek, maar tevens de bron is van de ellende waar dit stuk over gaat.

Die oplossing is de objectieve methode. Een journalist zou door het hanteren van de objectieve methode de subjectiviteit zoveel mogelijk kunnen uitschakelen. Concreet hield dat in: baseer nieuws uitsluitend op feiten, scheid die feiten strikt van het commentaar, gebruik meer dan één bron, wees onpartijdig, pas hoor en wederhoor toe, presenteer het nieuws neutraal, en glip zo door een handig achterdeurtje alsnog de troonzaal van de objectiviteit binnen.

Want dat is eigenlijk wat er gebeurde: alles bleef bij het oude, de journalistiek behield zijn troon. Het absolute geloof in objectiviteit werd weliswaar ingeruild voor een streven naar objectiviteit, maar door de invoering van de objectieve methode werd en wordt die nuance tenietgedaan.

Dat ligt vooral aan één van de geboden die de objectieve methode stelt: de objectieve presentatie van het nieuws in de vorm van een feitelijke schrijfstijl. Die stijl pretendeert wel degelijk absolute objectiviteit, zoals te zien is aan zijn talrijke schrijfwetten. Dat zijn allemaal regels die bijdragen aan een feitelijkheid waarmee elke vorm van twijfel en onzekerheid verdoezeld wordt.

Door deze eis van een objectieve presentatie is er geen enkel verschil tussen een journalist die vindt dat hij volledig objectief is en een journalist die erkent dat hij niet volledig objectief kan zijn. De vereiste manier van schrijven doet dat verschil in mensbeeld teniet. De objectieve methode pretendeert een objectieve journalist, of die journalist dat nu is of niet.

Tegenstrijdiger had het niet kunnen zijn. Juist toen de journalistiek tot de erkenning kwam dat objectiviteit een boven de vermogens van een mens uitgaand ideaal is, voerde het een methode in die niet méér in de objectieve gedachte geworteld had kunnen zijn. Een methode met een keihard objectief uiterlijk: de feitelijke schrijfstijl. 

Toch zit de fout ten diepste niet in die contradictie. De fout zit in het mensbeeld waar het gehele idee van objectiviteit op gebaseerd is en dat daarom leidraad is voor de objectieve methode. De objectieve methode gaat ervan uit dat een journalist, een mens, in staat is de werkelijkheid om hem heen op een waarachtige wijze te kennen. Anders gesteld: de journalist weet in zijn stukken altijd alles.

Dat is wat ik noem hoogmoed. De journalist wordt niet beschouwd als onderdeel van de werkelijkheid, maar als een buitenstaander die de werkelijkheid met een metablik overziet. Daardoor wordt niet de werkelijkheid het primaat gegeven, maar de journalist zelf. Het gaat van de journalist uit: híj moet door middel van de juiste methode de werkelijkheid waar presenteren.

Treffender dan Levi Weemoedt zou ik dit mensbeeld niet kunnen weergeven: ‘Toen God het niet meer wist, schiep Hij de journalist.’ Het is het rijmend refrein dat in sierlijke letters onder elke krantentitel staat gedrukt.

Ik wil echter niet alles terugvoeren op het foute mensbeeld van een methode. Een methode zelf heeft geen mensbeeld, het zijn de mensen die de methode hanteren die dat beeld koesteren. Oftewel: de genoemde relativering van veel journalisten dat volledige objectiviteit niet bestaat, is valse bescheidenheid. In feite is ook hun geloof in de mens te groot. En dat is waarom ik jullie arrogant vind.

Hoe moet het anders? Eigenlijk is het heel simpel: het mensbeeld moet anders. En dat nieuwe mensbeeld is samen te vatten in één woord: nederigheid. Erken dat je als mens ín de werkelijkheid staat, en enkel met grote ogen om je heen kan kijken naar al die ingewikkelde, onkenbare mensen, gebeurtenissen, processen, ideeën, et cetera. Zie de wereld en zeg geïnspireerd door Calimero: jij bent groot en ik ben klein. Dán ben je pas eerlijk.

Naar mijn idee heeft deze erkenning veel te maken met de erkenning van God – omdat een mensbeeld uiteindelijk een kwestie is van je levensovertuiging, niet van argumenten voor en tegen. Als je God kent, weet je je plaats als mens: je weet hoe klein én slecht je bent. Je weet ook hoe onnozel en verwaand het is om je vanuit die positie te verheffen tot iemand die anderen gaat vertellen hoe de wereld in elkaar zit.

Dit mensbeeld moet zo journalistiek vorm krijgen dat een lezer beseft dat wat hij leest een verslag is van één persoon, die met één paar ogen, één paar oren en één mond iets heeft onderzocht om daar vervolgens met één stel hersens één kort stukje tekst over te schrijven. Niets meer en niets minder.

Wat zo’n vorm zou kunnen zijn? Ik denk zelf aan het negentiende-eeuwse naturalisme. Een stijl waarin kleurrijk en beeldend beschreven wordt wat een bepaalde journalist gezien, gehoord, gevoeld heeft. De zintuiglijke en persoonlijke ervaring is belangrijk. Het is een stijl waarin de grens tussen literatuur en journalistiek veel vager is.

Elementen uit die stijl zijn nodig in de huidige journalistiek. De journalist moet meer op de voorgrond treden. Niet dat hij altijd in de ik-vorm moet schrijven, maar de lezer moet beseffen dat er iemand achter het verhaal zit.

Ik zou het niet subjectief noemen, maar eerlijk. Eerlijkheid is de hoogste deugd voor een journalist. Een lezer mag best weten dat er hiaten in je verhaal zitten, dat je iets niet weet, dat je zelf ook vragen hebt. Het is jouw verhaal, niet het verhaal. Laat dat merken.

Jordi Kooiman is in augustus cum laude afgestudeerd aan de opleiding journalistiek in Ede. Dit stuk is een verkorte versie van zijn afstudeeressay.

Bekijk meer van

NVJ LID 26-05

Tip de redactie

Logo Publeaks Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee

45 reacties

lia, 8 oktober 2008, 16:24

Het maakt niet uit hoe de journalist er toe komt te erkennen dat hij nooit de objectieve buitenstaander kán zijn, áls hij er maar komt. Dus ik vind de poging van Jordi een moedige.

Journalisten zijn geen buitenstaanders. Zij hebben hun eigen ervaringen, die hun beelden kleuren, en te denken dat zij objectief verslag kunnen doen dmv enige aangeleerde methodieken, is wat Jordi hoogmoedig noemt. En wat inderdaad hoogmoedig ís. Tenzij de journalist erkent uit welke hoek zijn motivaties komen.

Journalisten kunnen slechts over de ‘werkelijkheid’ berichten. Wat heel goed kan, als het gros van de burgers in een land in redelijke mate dezelfde opvattingen heeft over wat goed en fout is, over wat de heersende normen en waarden (zouden moeten) zijn en wat de heersende normen en waarden níet (zouden moeten) zijn. Maar het berichten over de ‘werkelijkheid’ wordt alweer veel lastiger als die gelijkluidende opvattingen over normen en waarden er niet zijn. Want wiens werkelijkheid is dan de ware?

Met het erkennen van de journalist als (feilbaar) mens door te erkennen dat er iemand groter is dan de mensheid in het geheel toont Jordi echter zijn eigen ongelijk aan. Want wat nou als je gelooft dat Allah de grootste is?

lia, 8 oktober 2008, 16:35

En nog dit: Goede journalistiek ontleent haar validiteit aan de zelfreflectie van een journalist.

Om dat te leren zijn twee insteken mogelijk:
insteek 1: wat is journalistiek, wat is (zijn) de functie(s) die het vak in de maatschappij heeft, welke rol wil ik (de journalist) daarin vervullen/waar binnen dat kader wil ik (de journalist) me positioneren;
insteek 2. wie ben ik/welke journalistieke rol wil ik vervullen.

Aandachtspunt bij 2:
functie van journalistiek wordt niet in twijfel getrokken noch bediscussieerd maar als gegeven beschouwd. Alsof niet alles (onder invloed van, of beter gezegd, in relatie tot alles) aan verandering onderhevig is. Om als voorbeeld te noemen: onderlinge afhankelijkheidsverhoudingen, niets is een eiland meer; commercie etc. Mogelijk Gevolg: failliet van de journalistiek ligt op de loer; verstoffing van het vak.

Aandachtspunt bij 1:
(her)definiering van de functie van journalistiek kan huidige systeem (bestaande verhoudingen, belangen) volledig op de helling zetten.
Mogelijk Gevolg: Machtsstrijd prefaleert boven Vernieuwing.

Mark Deuze
maart 10th, 2008 at 6:15 pm
in de samenvatting en knelpunten van Lia kan ik me helemaal vinden - dat is de ideale samenvatting van een mooi vierde- of vijfdejaars vak op een opleiding journalistiek.

http://www.denieuwereporter.nl/?p=1544

Ronald Klein, 9 oktober 2008, 10:20

hihi wat een heerlijke naieve onzin - we zijn zeer benieuwd naar je eerste artikelen en het medium dat ze gaat plaatsen jordi

ronald klein
(summa cum laude svj utrecht)

Maarten, 9 oktober 2008, 10:21

halverwege afgehaakt. bagger inderdaad. dat de journalist hier ruimte voor heeft is treurig… maar goed die eerste publicatie heb je dus wat kan het je ook schelen

Leon Krijnen, 9 oktober 2008, 10:22

Ik ken God niet. Ik geloof overigens ook niet dat-ie bestaat, maar mocht-ie dat wel doen dan zou hij zeer onnozel en verwaand zijn om zich vanuit zijn positie te verheffen tot iemand die anderen gaat vertellen hoe de wereld in elkaar zit.

Bs. Christian Fluitman - SvJ Utrecht, 9 oktober 2008, 10:22

Namen en zinnen beginnen wij met een hoofdletter,  en wij eindigen een zin met een punt, waarde ‘summa cum laude’-Ronald…

Ernst, niemand leest je relaas zonder alinea’s.

Ik vind het een mooi essay, zij het wat stoffig geschreven. Ik ben het in grote lijnen wel met Jordi eens. En dit is geen apenrots, we hebben allemaal bachelor/bullshit voor de naam ;-)

Jacqueline Steenwijk, 9 oktober 2008, 10:22

Hee,

dank voor je relaas. En ja, je hebt gelijk. Ik heb teveel mede collega’s gezien waarin de scoringsdrift hoger ging dat de waarheid. Jouranlisten hebben macht en lang niet iedereen weet daarmee om te gaan. Want juist het feit dat wij die macht hebben zou ons nederig moeten maken en twee keer verder nadenken voordat we schrijven wat we schrijven. Dus dank voor het feit dat je dit weer even helder maakt. Veel succes en blijf altijd trouw aan dat gevoel in jou!

Lia, 9 oktober 2008, 10:23

Het maakt niet uit hoe de journalist er toe komt te erkennen dat hij nooit de objectieve buitenstaander kán zijn, áls hij er maar komt. Dus ik vind de poging van Jordi een moedige.

Journalisten zijn geen buitenstaanders. Zij hebben hun eigen ervaringen, die hun beelden kleuren, en te denken dat zij objectief verslag kunnen doen dmv enige aangeleerde methodieken, is wat Jordi hoogmoedig noemt. En wat inderdaad hoogmoedig ís.  Tenzij de journalist erkent uit welke hoek zijn motivaties komen.

Journalisten kunnen slechts over de ‘werkelijkheid’ berichten. Wat heel goed kan, als het gros van de burgers in een land in redelijke mate dezelfde opvattingen heeft over wat goed en fout is, over wat de heersende normen en waarden (zouden moeten) zijn en wat de heersende normen en waarden nìet (zouden moeten) zijn. Maar het berichten over de ‘werkelijkheid’ wordt alweer veel lastiger als die gelijkluidende opvattingen over normen en waarden er niet zijn. Want wiens werkelijkheid is dan de ware?

Met het erkennen van de journalist als (feilbaar) mens door te erkennen dat er iemand groter is dan de mensheid in het geheel toont Jordi zijn eigen ongelijk aan. Want wat nou als je gelooft dat Allah de grootste is?

Ronald Klein, 9 oktober 2008, 10:23

zinnen sluiten wij ook niet af met puntkomma-streepje-haakje, anp-doorgeelfluikverslaggever christian ;-)

Hans Roodenburg, 9 oktober 2008, 10:23

Wat een ingewikkeld betoog. Ga terug naar de essentie van de journalistiek: er bestaan een heleboel gradaties tussen feiten en commentaar. Geef je alleen feiten van anderen weer, als doorgeefluik, dan ben je volkomen objectief. Vervolgens heb je de gradaties van sfeerverhalen, interviews, analyses, opinies en tenslotte het pure commentaar. Lijkt me allemaal hartstikke duidelijk waar de journalist staat. Moet ik als ‘oudere’ deze les nog geven?

drs. P., 9 oktober 2008, 10:24

Sorry hoor, maar ik kan me er toch weinig bij voorstellen. Veel gezwollen taalgebruik, maar wat wil Jordi nu precies?

Misschien kan een voorbeeld voor wat duidelijkheid zorgen. Hieronder een ANP-bericht van vandaag. Geschreven volgens de “objectieve methode”. Kan Jordi het even herschrijven volgens de Jordi-methode? Jordi-fans mogen natuurlijk ook een poging wagen.

Meer mensen voelen zich eenzaam

AMSTERDAM (ANP) - Een op de tien Nederlanders voelt zich vaak eenzaam. Dat blijkt uit een onderzoek door bureau Motivaction in opdracht van het Leger des Heils.

Vergeleken met eenzelfde onderzoek in 2003 is het aantal mensen dat zich vaak eenzaam voelt verdubbeld, aldus het Leger des Heils zondag.

Volgens driekwart van de bijna 1200 ondervraagden is de toenemende individualisering in de maatschappij er de oorzaak van dat steeds meer mensen zich eenzaam voelen. Uit het onderzoek bleek verder dat minder mensen tevreden zijn met hun leven.

Bart F., 9 oktober 2008, 10:24

Pfff, wat een kul. Ik had al geen hoge pet op van de journalistiekopleidingen, maar als je hiermee cum laude afstudeert…..  gewoon veel moeilijke woorden en het zo ingewikkeld mogelijk opschrijven is daar in Ede zeker de graadmeter?

Erna Buist, 9 oktober 2008, 10:24

Het is even schrikken voor mij, kersverse en nog onbedorven student journalistiek. “Jullie zijn arrogant”: begint het stuk dreigend en hautain, om vervolgens mijn gedoodverfde toekomstige zonden op te sommen.

Lichtelijk verontrust vraag ik me af wat ik nu al fout heb gedaan, terwijl mijn journalistieke carrière amper is begonnen. Maar het valt mee, er gloort licht aan de horizon: we krijgen te horen wat het juiste mensbeeld is en hoe het allemaal wél moet.

Daar heb ik wat opmerkingen bij. Een mensbeeld kan niet ‘fout’ of ‘goed’ zijn, omdat een mensbeeld altijd tijdelijk, subjectief en cultuurgebonden is. Zoals Jordi zelf al stelt: “een kwestie van levensovertuiging.”

Er zijn geen goede of foute overtuigingen, wij geven er zelf een persoonlijk waardeoordeel aan.

Afstandelijke, zelfingenomen kreten als: ‘jullie zijn arrogant’, ‘jullie doen het fout’ passen allerminst bij een queeste om anderen te inspireren. Integendeel; dat werkt als een splijtzwam.

Jordi’s artikel wekt bij mij de indruk dat hij zijn mens- en Godsbeeld baseert op de afgebakende, oud-oudtestamentische opvatting over de klein- en slechtheid van de mens. Vanuit dat mensbeeld kijkt hij niet ‘met grote ogen om zich heen’, zoals hij stelt.

Integendeel: hij gaat juist uit van benepen gedachten over de beperkingen van de mens. Je zou er bijna ademnood van krijgen. (Mijn Godsbeeld is stukken opwekkender en vrolijker, maar daar gaat het nu even niet om)

Als ik even om Jordi’s mensbeelden heen slalom, blijft er gelukkig veel moois over om te lezen.  ‘Erkennen dat je niet alles weet’, dat vind ik bijvoorbeeld een hele mooie. De uitspraak “Eerlijkheid is de hoogste deugd voor een journalist” zou ik willen relativeren. Zoiets is vooral snel en gemakkelijk gezegd in vredestijd in democratische landen.

Ernst Faith, 9 oktober 2008, 10:25

Dank je wel Ronald Klein en en Leon Krijnen voor jullie reactie’s. Het is juiste BEVESTIGENDE het beeld door Jordi Kooiman geschetst. “De” journalist (uitzonderingen daargelaten uiteraard) is verworden tot een arrogante zak (zakkin desgewenst) welke denkt almachtig te zijn geworden enekel en alleen door het feit dat papier inkt absorbeert en in een bepaalde vorm (letters en cijfers) gelezen kan worden door anderen. Daarnaast schrijft de journalist van nu nauwelijks objectief meer, maar bijna altijd van zijn of haar gelijk.

Nog treuriger is het gesteld met die journalisten (mogen zij nog wel journalist noemen) welke stukkies schrijven naar het bekkie van de (hoofd-)redakteur. Gekleurde informatie van het hoogste nineau dus. Het is toch niet verwonderlijk dat de gewonde man en vrouw zich afkeert van de schrijvende pers EN van TV en radio als wel?? Het is toch niet verwonderlijk dat ik weet niet hoeveel redacties de deuren moeten sluiten omdat geen hondekop meer geinteresseerd is in het bloedeloze zogenaamde nieuws dat zogenaamde journalisten aanbieden?

Ik schreef het inmiddels al vele tientallen keren: geachte collegae, keer terug op uw schreden en ga weer gewoon journalist zitten te zijn alstublieft. Ga weer gewoon de straat op en verzamel het echte nieuws en geef dat nu gewoon eens EERLIJK weer! In “een stijl waarin kleurrijk en beeldend beschreven wordt wat een bepaalde journalist gezien, gehoord, gevoeld heeft. De zintuiglijke en persoonlijke ervaring is belangrijk. Het is een stijl waarin de grens tussen literatuur en journalistiek veel vager is” schrijft Jordi en dat is een bruikbaar element.

Ook stelt Jordi terecht dat een journalist niet per saldo “perfect en alwetend” hoeft te zijn. Het moet gaan om VERSLAGLEGGING en niet om het zelf maken van een verhaal met alle emoties van de journalist daarin opgenomen. 

“Ik zou het niet subjectief noemen, maar eerlijk. Eerlijkheid is de hoogste deugd voor een journalist. Een lezer mag best weten dat er hiaten in je verhaal zitten, dat je iets niet weet, dat je zelf ook vragen hebt. Het is jouw verhaal, niet het verhaal. Laat dat merken.” En laat de redactie maar weer eens gewoon gaan ontdekken dat ECHTE journalistiek niet zit in het verkrijgen van voorgebakken info aangeboden door belanghebbenden via internet, maarat journalistiek betekend de straat op gaan en nieuws vergaren.

Wat een heerlijk vak hebben we toch he? JOURNALIST ZIJN als in instrument om te dienen. Overigens, er gloort hoop in bange dagen (na lang bidden wellicht?!) er gaat een nieuwe krant komen welke zich zich specialiseren op EERLIJK GOED NIEUWS. Een pracht kans voor de echte journalisten onder ons die weer gewoon de straat op willen en zich niet te hoog vinden voor regenjas en potlood slagvaardig gescherpt. :)

Ooh en allen voor Ronald Klein die zo graag met titels gooit…..

Ds.Dr.Mr Ernst-Faith, summa cum laude Leuven, meer dan 25 jaar NVJ.

Hidde Tangerman, 9 oktober 2008, 10:25

Een fantastisch en zeer inspirerend essay, helder geschreven en moedig verwoord. Driewerf hoera voor de eerlijke en transparante journalistiek! Ik vind Jordi een visionair. Laat de honden maar blaffen.

Rypke Zeilmaker, 9 oktober 2008, 10:25

Goed dat de journalist hieraan ruimte geeft.

Je kunt inderdaad objectiviteit en onpartijdigheid veinzen door te pretenderen geen enkele levensbeschouwing aan te hangen (wat ook een visie is). Volgens sommigen ben je dan zelfs ruimdenkend (Iedereen zijn waarheidje/dingetje, alsof levensvisie een inwisselbaar consumptiegoedje is dat niet bepalend is voor de manier waarop je de feiten om je heen interpreteert).

Er is dus een verschil tussen ruimdenkendheid en luidenkendheid. Objectiviteit hoeft niet het zelfde te zijn als een gebrek aan (in het geval van Huisman religieus geinspireerde) levensbeschouwelijke herkenbaarheid.

Objectiviteit in journalistiek is een combinatie van empirie, er zijn feiten die gekend kunnen worden, En er is een consistente doordachte visie nodig die het kijken naar die feiten plaatst in een begrijpelijk geheel. Een levensbeschouwing geeft een handvat om opeenvolgende gebeurtenissen in een kader te plaatsen. Veel lezers vinden een herkenbaar kader prettig.

Overigens kun je ook weer doorslaan in herkenbare levensvisies bij journalistiek. Voor je het weet kom je weer in de verzuilde pers van vroeger terecht. Die had wel als voordeel dat de lezer wist met wie hij te doen had, dat is nu moeilijker te zien.

Zou het dus kunnen dat de ontlezing ook verband houdt met ontzuiling? Je kunt niet meer via een krant een herkenbare doelgroep bedienen, omdat levensbeschouwingen veel minder duidelijk omlijnd zijn, individueler dan vroeger. Je moet als krant dus een quasi-objectieve eenheidsworst bieden die ongeveer iedereen bedient, maar niemand herkent zichzelf meer helemaal in de krant. (ieder zijn dingetje immers) Terwijl die sociaal bindende functie toch één van de vroegere functies van een krant was.

Henri Verwijmeren, 9 oktober 2008, 10:26

De arrogantie die hij ziet in de wijze waarop de journalistiek streeft naar een objectieve presentatie van het nieuws, doet Jordi verlangen naar het alom toepassen van het persoonlijke (eerlijke), meer literair vormgegeven verslag. Hij acht de mens niet in staat de complexe wereld te bevatten, laat staan enigermate te doorzien of te duiden, en vindt dat dat noopt tot nederige verslaggeving. Daarbij zou de journalist zijn waarnemingen niet langer anoniem moeten publiceren, om aan te geven dat het slechts om de kijk van een enkel persoon gaat. Dat zet dan tevens de poort open voor het toelaten van een persoonlijke schrijfstijl, die meer literair kan zijn.

We zouden eigenlijk allemaal moeten gaan bloggen dus. Het probleem is dan dat je als nieuwsconsument zelf journalistje moet gaan spelen: meerdere persoonlijke meningen over een gebeurtenis lezen om een enigszins genuanceerd beeld van het geheel te kunnen krijgen. Terwijl hiervoor nu juist de journalist is aangesteld.

De romantiek van de persoonlijke, literaire journalistiek moeten we niet weghonen, want wie deze stijl wil hanteren kan zich als navolger van grote voorbeelden uitleven met het schrijven van mooie boeken of essays. Maar voor een krant, met zijn weinige en dure pagina’s, en met als taak de lezer de laatste ontwikkelingen in de complexe wereld bondig en enigszins overzichtelijk te presenteren, is dit geen haalbare kaart.

De krant (de media) en de wijze waarop het nieuws daarin ‘objectief’ wordt verwoord, is het resultaat van een door de nieuwsconsument gevoelde behoefte. En daarin is naast het objectieve (soms inderdaad nogal arrogant van de zijlijn klinkende) verslaggeverswerk en commentaar, ook plaats voor vrijere, meer literair getinte bijdragen van journalisten en van derden. Mooi toch?

Ernst Faith, 9 oktober 2008, 10:26

Ik ben bang, beste Henri Verwijmeren dat je toch een belangrijk deel uit het stuk van Jordi gemist hebt en dat is niet “Hij acht de mens niet in staat de complexe wereld te bevatten, laat staan enigermate te doorzien of te duiden, en vindt dat dat noopt tot nederige verslaggeving.”

Hij juist, achte de mensheid WEL in staat de complexe wereld te bevatten en heeft daarvoor dus niet de leugenachtige en/of belerende en/of gekleurde visie nodig die menig journalist zich eigen heeft gemaakt om een redelijk “stukkie” te schrijven.

Henri stelt vervolgens geheel en al naast de pot plassende: “We zouden eigenlijk allemaal moeten gaan bloggen dus. Het probleem is dan dat je als nieuwsconsument zelf journalistje moet gaan spelen: meerdere persoonlijke meningen over een gebeurtenis lezen om een enigszins genuanceerd beeld van het geheel te kunnen krijgen. Terwijl hiervoor nu juist de journalist is aangesteld.” En kijk daar zit um nou net het probleem. De journalist van nu heeft geen bal te vertellen meer, is dus geen ‘verslaggever’ meer.

En ja dus worden consumenten gedwongen zelfd de waarheid maar te gaan zoeken en daar heeft de consument geen krant, radio of televisie meer voor nodig en dus… keert de consument zich meer en meer af van de journalistiek. En het getuigd van een diepgaande of juister van een vergaande arrogantie te stellen: “dat hiervoor nu juist de journalist is aangesteld”! Aangesteld?? Sinds wanneer, waardoor of door wie/wat is welke journalist aangesteld? Doe toch niet zo idioot alstublieft.

Dit is een arrogantie die welhaast onwelvoeg’lijk is. Rypke Zeilmaker stelt: “Objectiviteit in journalistiek is een combinatie van empirie, er zijn feiten die gekend kunnen worden, En er is een consistente doordachte visie nodig die het kijken naar die feiten plaatst in een begrijpelijk geheel”.

Ik zou het zo eens kunnen zijn met Rypke op 1 kleine bemerking na en dat is dat feiten niet “begrijpelijk” moeten worden gemaakt (dat is manipulatie) maar juist weergegeven en ... eventueel boven water gehaald waar anderen graag zien dat deze feiten niet bekend worden. DAT is journalistiek pur sang. En JA het is waarschijnlijk zo dat de vraag om een nieuw en herkenbare zuilen-systeem steeds luider zal worden.

“Zou het dus kunnen dat de ontlezing ook verband houdt met ontzuiling? Je kunt niet meer via een krant een herkenbare doelgroep bedienen, omdat levensbeschouwingen veel minder duidelijk omlijnd zijn, individueler dan vroeger. Je moet als krant dus een quasi-objectieve eenheidsworst bieden die ongeveer iedereen bedient, maar niemand herkent zichzelf meer helemaal in de krant. (ieder zijn dingetje immers) Terwijl die sociaal bindende functie toch één van de vroegere functies van een krant was”, stelt Rypke geheel terecht.

En het antwoord is dichterbij dan menige vrij onverveerde journalist wenst te denken. Het ontzuilen heeft helemaal niet plaatsgevonden. Rechts zoekt nog steeds naar rechtse journalistiek. Links zoekt het nog steeds in de linkse hoek en liberaal heeft ook haar eigen hoekje, dit evenals Christelijk- en Moslim- Nederland. De vraag is er dus nog steeds maar… de krantenmakers en de journalisten dachten het dus te kunnen ontkennen of te beschrijven als niet bestaande dan wel als iets vies.

Dat maakt de journalistiek en een groot deel van de kranten tot een ..... aparte zuil. Nu ongeveer uitgekotst door 98% van lezend Nederland. En dus moet de ene krant na de andere sluiten. Geen behoefte meer aan eenheidsworsten. En dus ook geen adverteerders meer, want adverteerders en reklame-makers zijn ook lezers en ‘verzuilden’.

Er is een nieuwe (lees al heel oude) ontwikkeling gaande. De “oude” journalist gaat terugkomen. Gewoon de straat op, potlood in de aanslag, scherpe punt, desnoods samen met een scherpe tong. maar wel degelijke journalistiek en SUPER HERKENBAAR. Om te maken een krant met een sociaal bindende functie, toch één van de vroegere, hedendaagse en toekomstige functies van “de” krant.

Karel B., 9 oktober 2008, 10:26

Objectieve reactie: Boodschapper preekt over hoogmoedigheid en zijn parochie ligt aan zijn lippen. Subjectieve reactie: Hoogmoedige boodschapper draaft door om zijn preek geloofwaardigheid mee te geven. Conclusie: Weer een journalist erbij die meent dat zijn mening over objectiviteit en/of subjectiviteit nog wat toevoegt. Vraag me (na de waardering scl) wel af hoe het met de kwaliteit van de rest van de lichting van deze school is gesteld.

Karel B.(niet summa cum laude, wel svdjU)

Beer, 9 oktober 2008, 10:27

Waarom wordt god er ineens met de haren bijgesleept?

John Melskens, 9 oktober 2008, 10:28

Ik ken gelukkig ook journalisten die niet arrogant zijn, maar in grote lijnen ben ik het wel eens met Jordi. Een goed journalist wordt je niet (uitsluitend) door een opleiding cum laude af te sluiten, maar met gevoel voor het onderwerp te schrijven EN vooral met talent.

Stan van Houcke, 9 oktober 2008, 10:29

Onlangs zag ik Century of Self, de schitterende documentaire die Adam Curtis voor de Britse televisie maakte en waarin hij over de grondlegger van de public-relations industrie, de invloedrijke Amerikaan Edward Bernays, zegt dat deze neef van Freud de industrielen demonstreerde: ‘how they could make people want things they did not need by linking mass produced goods to their unconscious desires. Out of this would come a new political idea of how to control the masses. By satisfying people’s inner selfish desires one made them happy and thus docile. It was the start of the all-consuming self, which has come to dominate the world today.’

De meeste journalisten die ik ken beseffen dit niet. Hebben er nooit over nagedacht, zullen het belachelijk vinden als je vertelt dat ze een onderdeel zijn van de wereldwijde propaganda voor 1 bepaald mens- en wereldbeeld, de gelukkige consument die werkt om te consumeren, en consumeert om te werken.

Hoe is een serieuze discussie over journalistiek in Nederland mogelijk als de meeste journalisten het bovenstaande niet weten, of domweg ontkennen?

Jacqueline Wesselius, 9 oktober 2008, 10:29

Ooit woonde ik een lezing bij van Hubert Beuve-Méry, oprichter - en jarenlang hoofdredacteur - van Le Monde. ‘Objectiviteit’, zei ook Beuve-Méry, ‘is niet haalbaar. Een objectief (objectif in ‘t Frans) is een lens, en een journalist is geen lens. Het hoogst haalbare is eerlijkheid.

Jordi zegt ‘t wat ingewikkelder - maar het komt wel op hetzelfde neer. Hij heeft in elk geval grote journalisten aan zijn kant staan.

Stan van Houcke, 9 oktober 2008, 10:30

Milan Kundera stelt het zo: ‘Op grond van de dwingende noodzaak te behagen en zo de aandacht van het grootst mogelijke publiek te trekken, is de esthetiek van de massamedia onvermijdelijk die van de kitsch en naarmate de massamedia ons gehele leven meer omsluiten en infiltreren, wordt de kitsch onze dagelijkse esthetiek en moraal… Het woord kitsch verwijst naar een houding van degene die tot elke prijs zoveel mogelijk mensen wil behagen. Om te behagen dien je je te conformeren aan wat iedereen wenst te horen, in dienst te staan van pasklare ideeën, in de taal van de schoonheid en de emotie. Hij beweegt ons tot tranen van zelfvertedering over de banaliteiten die wij denken en voelen.’

Lia, 9 oktober 2008, 10:30

Stan geeft een goede samenvatting van het Nederlandse journalistieke bestel. Ik zal nu mijn eigen glazen wel ingooien, zoals een docent eens tegen mij zei, maar het is toch van de zotten dat dit vak in dit land zich niet ontwikkelen kan, niet kan groeien, omdat het tegen al die verzuilde kaders aanloopt.

Aardig om in het kader van de ontwikkeling van het vak én een niet door wie dan ook gestuurde democratie verder mee te nemen, is dit deel uit een stuk van Ben Knapen van de WRR: Voor een zinvol publiek debat moet de burger mediawijs zijn.

Media bestaan in wisselwerking: enerzijds weerspiegelen zij wat leeft in de samenleving, anderzijds drukken zij een stempel op die samenleving. Spiegelung und Prägung zoals de Duitsers het noemen. Maar hierbij gelden de nodige relativeringen. Niet alleen omdat media wat leeft in een samenleving regelmatig over het hoofd zien.

De opkomst van Pim Fortuyn geldt wat dit betreft in Nederland als een recente cause célèbre van onoplettendheid. Journalistiek ontdekt maatschappelijk-culturele onderstromen “pas als zij een duidelijk zichtbare woordvoerder krijgen, tot openlijk conflict binnen de geïnstitutionaliseerde elite of anderszins tot groot nieuws leiden”, constateerde Wil Tiemeijer in zijn veel geprezen dissertatie Het geheim van de burger. Pas dan dringt zo’n onderstroom door tot de collectieve verbeelding.

Maar een tweede relativering geldt ook en die is wezenlijker: de media drukken niet hun eigen stempel op die werkelijkheid, maar het stempel van de heersende opvattingen. Media hebben doorgaans zelf de kennis, wijsheid en soevereiniteit niet om een eigen stempel te kunnen drukken. Het zijn maatschappelijke elites, denkers, bestuurders, dominees en wat dies meer zij, die met hun interpretaties van de werkelijkheid het beeld bepalen. Zij leveren de ingrediënten, de stempels, die de media vervolgens verspreiden. Het gebeurt expliciet -  via interviews, citaten en wat dies meer zij -  maar oneindig veel vaker impliciet.

Lia, 9 oktober 2008, 10:30

PS. Het zou een goede reden moeten zijn om in debatten en discussies én binnen het journalistieke onderwijs veel meer onderscheid te maken tussen het ‘journalistieke vak’ (en de beoefening daarvan) en de ‘media’ (de kanalen, soms spreekbuizen, via welke de info verspreid wordt).

Stan van Houcke, 9 oktober 2008, 10:31

Voor de mensen die meteen negatief reageerden, even deze analyse:

Milan Kundera die journalisten de ‘termieten van de reductie’ heeft genoemd, termieten die zelfs ‘de grootste liefde terugbrengen tot een geraamte van schrale herinneringen’, beschrijft journalisten aldus:

‘Over de hele wereld strooien ze dezelfde simplificaties en cliche’‘s uit waarvan mag worden aangenomen dat ze door de meerderheid zullen worden aanvaard, door allen, door de hele mensheid. En het is niet zo belangrijk dat in de verschillende organen van de media de verschillende politieke belangen tot uiting komen. Achter het uiterlijke verschil heerst een en dezelfde geest. Je hoeft de Amerikaanse en Europese opiniebladen maar door te kijken, van rechts zowel als links, van Time tot Der Spiegel: in al die bladen tref je dezelfde kijk op het leven aan, die zich in dezelfde volgorde waarin hun inhoudsopgave is opgebouwd weerspiegelt, in dezelfde rubrieken, dezelfde journalistieke aanpak, dezelfde woordkeus en stijl, in dezelfde artistieke voorkeuren en in dezelfde hierarchie van wat ze belangrijk en onbeduidend achten. De gemeenschappelijke geestesgesteldheid van de massamedia, die schuilgaat achter hun politieke verscheidenheid is de geest van de tijd.’

drs. P., 9 oktober 2008, 10:32

Quote: “Achter het uiterlijke verschil heerst een en dezelfde geest.”

Waar komt het idee vandaan dat journalisten zich wezenlijk zouden moeten onderscheiden van de rest van de mensheid? Het bovenstaande geldt ook voor het gros van de wetenschappers, politici, kunstenaars, noem maar op. Natuurlijk, er zijn geesten die zich onderscheiden, maar die heb je in de journalistiek ook.

Hoed ons voor de journalisten van het Stan van Houcke Liberation Front die ons bevrijden van alle vormen van conformisme, strijden tegen ons vals bewustzijn en ons de weg uit de duisternis wijzen.

Of het Jordi Kooiman Jihadistenleger, dat ons erop wijst dat als je God kent, je je plaats weet als mens: klein én slecht, onnozel en verwaand.

Nee, leve Stan en Jordi, dankzij hen komt het helemaal goed met de wereld…

PS: Weet je wat pas arrogant is? Gewoon helemaal niet reageren op alle opmerkingen n.a.v. je stuk.

Lia, 9 oktober 2008, 10:33

Soms is het ook de overheid die wil dat mensen redelijk gelijk denken over wat goed is en wat fout is. De kaders van de samenleving, zeg maar. Jan Jaap van der Wal zei iets dergelijks in zijn Oudejaarsconference. De opmerking intrigeerde mij mateloos.

Wie is de spreekbuis van de overheid?

Journalisten berichten over de ‘werkelijkheid’.

Dat gaat goed, zolang het gros van de burgers in een land in redelijke mate dezelfde opvattingen heeft over wat goed en fout is.

Het berichten over de ‘werkelijkheid’ wordt alweer veel lastiger als die gelijkluidende opvattingen over normen en waarden er niet zijn.

‘De meeste journalisten die ik ken’, schrijft Stan, ‘zullen het belachelijk vinden als je vertelt dat ze een onderdeel zijn van de wereldwijde propaganda voor 1 bepaald mens- en wereldbeeld’.

Ik denk even terug aan Wijnand Duyvendak, en zijn aftreden als kamerlid. Aan zijn motivatie die er onder meer aan ten grondslag lag, namelijk het actiever en scherper voeren van het klimaatdebat dan hij dat als kamerlid zou kunnen.* Aan de discussies als gevolg van zijn aftreden, over buitenparlementaire acties, en over de democratie. En ik denk even aan wat er in de Troonrede is gezegd, over het ‘Huis van de Democratie’, en over Onkruit in Andere Tijden. Was het wel Onkruit in Andere Tijden?

Wie is in dienst van wie.

Lia, 9 oktober 2008, 10:33

Nog even dit. Toen ik op de school voor journalistiek begon, in 2002, haalde ik goede cijfers en was ik erg bevlogen. Die bevlogenheid verdween vervolgens heel snel. “De scherpe kantjes moeten er nog wat af”, zei men. Men vond mij te kritisch. Ik wilde ‘begrijpen’. Maar dat was kennelijk allemaal niet de bedoeling. Ik kan niets anders zeggen, ik heb echt niets op die school geleerd.

Het is een uiterst treurig gegeven. Heel hardhandig hebben ze mij daar bij willen brengen dat er verschil is tussen dat wat je veranderen kunt, en dat wat je niet veranderen kunt. Misschien moet ik me toch eens gaan organiseren. Om wél invloed te kunnen hebben om die bedroevende journalistieke cultur die er in Nederland heerst te veranderen.

De Nederlandse journalistiek wenst geen vrijdenkers, die wenst conformisten. Het is van een zo grootse tragiek, dat ik er geen woorden voor heb maar wel een heleboel boosheid. Lia

Stan van Houcke, 9 oktober 2008, 10:33

Hoedt u voor nieuw rechts. ze proberen met hun simplificaties en hun gecriminaliseer elke discussie te beheersen. het is de terreur van de provincial middelmaat, die volgens onderzoek, in tegenstelling tot het buitenland het nederlandse internet bezetten en kapot proberen te maken.

leest u dit nog eens: ‘Hoed ons voor de journalisten van het Stan van Houcke Liberation Front die ons bevrijden van alle vormen van conformisme, strijden tegen ons vals bewustzijn en ons de weg uit de duisternis wijzen.

Of het Jordi Kooiman Jihadistenleger, dat ons erop wijst dat als je God kent, je je plaats weet als mens: klein én slecht, onnozel en verwaand.’

En deze stemmen zijn altijd anoniem, uit angst voor god mag weten wat. griezelige mensen, die niet met argumenten maar met sentimenten werken, het is de rancune van de straat.

drs.P., 9 oktober 2008, 10:34

Lieve Stan en Lia, stel je hart open voor de liefde van de Heer. Wees ontvankelijk voor Zijn goedertierenheid en wijsheid. Dan besef je als klein en slecht mens hoe onnozel en verwaand het is om je vanuit die positie te verheffen tot iemand die anderen gaat vertellen hoe de wereld in elkaar zit.

Leestip: Boosheid de baas van Georg Eifert, John Forsyth en Matthew McKay. :-)

Stan van Houcke, 9 oktober 2008, 10:34

Zonder argumenten anderen stigmatiseren, het is altijd het wapen geweest van de straat en het cafe. en anoniem.  dit soort luitjes laten altijd overal hun voorgeprogrammeerde meningen horen. kom op jongen, ga ergens anders spelen en slik je pilletjes op tijd.

drs.P., 9 oktober 2008, 10:34

“dit soort luitjes laten altijd overal hun voorgeprogrammeerde meningen horen.”

Dit is een sneer naar Jordi?

“kom op jongen, ga ergens anders spelen en slik je pilletjes op tijd.”

Goed idee, Stan, bedankt voor je advies. Welke gebruik jij? Dan weet ik welke pillen in elk geval niet werken. :-)

Q.J. IJzendoorn, 9 oktober 2008, 10:34

Geachte heer Van Houcke,

Als vertegenwoordiger van het IPO, het Interprovinciaal Overleg, protesteer ik met klem tegen het gebruik van het adjectief “provincial” (u bedoelt waarschijnlijk “provinciale”) in combinatie met het zelfstandig naamwoord middelmaat. Prima als u iets als middelmatig beoordeelt, maar wilt u ons er dan buiten laten?

U suggereert verder dat de provincies, die een zeer nuttige bestuurslaag in ons land vormen, volgens onderzoek (welk onderzoek?), in tegenstelling tot het buitenland (buitenlandse provincies doen dat niet, begrijp ik?) het Nederlandse internet bezetten en kapot proberen te maken.

Dat is een infame aantijging waar wij als IPO ernstig bezwaar tegen maken. Wij dragen als provincies het internet een warm hart toe; een kijkje op onze website zal u daar ongetwijfeld van overtuigen.

met vriendelijke groeten,

Quirinus J. IJzendoorn
afdeling communicatie IPO

(en oud-student van de SvdJ, maar dit terzijde)

Monique Roso, 9 oktober 2008, 10:35

Kunnen we de discussie on topic houden? Jordi Kooiman denkt in ieder geval na over de positie van de journalist en de journalistiek in de wereld. Dat is een invalshoek die op HBO-niveau te prijzen is. De meeste HBO-studenten journalistiek willen niet anders dan worden opgeleid tot massaproducenten van items voor massamedia - en sommige academische opleidingen gaan eveneens die richting uit. Nadenken, reflecteren ... boeieh ...

Overigens is er niks mis met het opleiden van werkpaarden. Maar om het vak vooruit te brengen, is kritiek van binnen en van buiten nodig. Blindheid voor maatschappelijke ontwikkelingen, oppervlakkigheid en een te grote zelfgenoegzaamheid hebben nog nooit een sector vooruit geholpen. Stilstaan mag ook, maar de toegevoegde waarde van de journalistiek is dan nul.

Monique Roso, AvdJ lichting 1987

stan van houcke, 9 oktober 2008, 10:44

meneer ijzendoorn, ik trek mjn kwalificatie onmiddellijk in, nu u zich aangesproken voelt. jordi kooiman is te prijzen voor zijn kritiek op de commerciele massamedia. een van de befaamde media analisten is de Amerikaanse hoogleraar W. Lance Bennett. hij concludeert in zijn studie News: The Politics of Illusion het volgende:

‘The public is exposed to powerful persuasive messages from above and is unable to communicate meaningfully through the media in response to these messages… Leaders have usurped enormous amounts of political power and reduced popular control over the political system by using the media to generate support, compliance, and just plain confusion among the public.’

lia, 9 oktober 2008, 11:20

Wat denk je? Als ons landsbestuur het wenselijk vindt dat wij als burgers ongeveer hetzelfde denken over wat goed is en wat fout, wij allen er dus ongeveer hetzelfde wereldbeeld op na (gaan) houden, dan is er geen journalist die nadenkt en mensen zoekt en interviewt die daar kritisch over zijn, maar schrijft de journalistiek over terrorisme, over onveiligheid, over extra camerabeveiliging. Dat onveiligheid ook tussen de oren kan zitten, of beter gezegd, tussen de oren zít, komt bij niemand meer op. En zou je er wél over willen berichten, vind dan maar eens een blad of krant die jou ´nonconformistisch gebeuzel´ plaatsen wil. Verkeerde invalshoek voor de doelgroep (ja, ook Trouw heeft een doelgroep, en die van de goed gemarketeerde Volkskrant worden ook steeds minder kritisch, om maar even een paar te noemen), die we toch wel willen blijven bedienen, want lezers moeten we wel houden omdat anders ons bestaansrecht in het geding komt.

lia, 9 oktober 2008, 11:26

ps. Maar misschien ligt het niet aan de journalist hoor, maar gewoon aan het ontbreken van een ‘elite’ die ‘intellectueel denkt’. Of zijn we gewoon allemaal niet meer geinteresseerd in ‘overheersende wereldbeelden’ maar slechts in Betuwelijnen die door onze achtertuinen rijden.

paddy, 9 oktober 2008, 12:40

‘‘Naar mijn idee heeft deze erkenning veel te maken met de erkenning van God – omdat een mensbeeld uiteindelijk een kwestie is van je levensovertuiging, niet van argumenten voor en tegen. Als je God kent, weet je je plaats als mens: je weet hoe klein én slecht je bent. Je weet ook hoe onnozel en verwaand het is om je vanuit die positie te verheffen tot iemand die anderen gaat vertellen hoe de wereld in elkaar zit.’‘

Journalistiek als boetedoening? En, Jordi, heb jij dan wellicht het telefoonnummer van God voor me? In al je nederigheid weet jij in ieder geval zeker dat-ie bestaat. Ik check dat graag even zelf. Dus gaarne: telefoonummer van hem (mailadres mag ook).

drs.P., 9 oktober 2008, 12:47

“The public is exposed to powerful persuasive messages from above”.

Klopt helemaal, en ook Jordi is daar slachtoffer van geworden, getuige deze passage in zijn betoog:

“Als je God kent, weet je je plaats als mens: je weet hoe klein én slecht je bent.”

drs.P., 9 oktober 2008, 13:08

Ik herhaal mijn vraag nog maar even (Stan, vanaf nu verder geen persoonlijke aanvallen meer, oké?):

Waar komt het idee vandaan dat journalisten zich wezenlijk zouden moeten onderscheiden van de rest van de mensheid?

De journalistiek is, net als vele andere delen van de samenleving, gedemocratiseerd. Jan en Alleman kan journalist worden, waardoor de journalisten meer en meer een afspiegeling van de samenleving vormen (inclusief gebrekkige taalvaardigheden).

En de Nederlandse samenleving bestaat nu eenmaal voor een groot deel uit conformisten, die liever geen herrie in de tent hebben. Daardoor is Nederland, ondanks alles, nog steeds een van de meest veilige en stabiele plaatsen op de wereld. En daardoor is ook de Nederlandse journalistiek hoofdzakelijk conformistisch en consumentisch van aard, met her en der uitzonderingen.

Dat gebrek aan nederigheid waar Jordi het over heeft, daar herken ik wel iets van. Maar dan in de Nederlandse samenleving als geheel en niet alleen in de journalistiek.

Om een bekende uitspraak te parafraseren: je krijgt als land de journalisten die je verdient. Als je wat wilt veranderen, dan is het een illusie om te denken dat de journalistiek daar een wezenlijke rol in kan spelen. Ik ben het dan ook eens met deze door Lia aangehaalde observatie van Ben Knapen:

“Media hebben doorgaans zelf de kennis, wijsheid en soevereiniteit niet om een eigen stempel te kunnen drukken. Het zijn maatschappelijke elites, denkers, bestuurders, dominees en wat dies meer zij, die met hun interpretaties van de werkelijkheid het beeld bepalen.”

Anne, 12 oktober 2008, 22:41

Met stijgende verbazing las ik het stuk van Jordi en alle reacties daarop. Een mens is van nature niet objectief. Je kunt immers niet anders dan de wereld bekijken door je eigen ogen. Zelfs het geloof dat er een God bestaat is uitermate subjectief en berust puur op persoonlijke (gekleurde) overtuigingen. Tenzij God zich persoonlijk aan Jordi heeft voorgesteld natuurlijk. Een paar jaar geleden sprak ik met een kind. Een wijs kind van nog geen tien jaar. Op een dag vertelde ik hem dat ik graag het kwade zou willen bestrijden. Zijn antwoord was:“Dat heeft toch geen zin, want in de ogen van het kwaad is het goede het kwade”. En met deze wijsheid vraag ik mij af waar iedereen zich zo druk over maakt. Mensen lezen de krant die het meest aansluit bij hun eigen overtuigingen. En die krant richt zich naar hun eigen doelgroep. Er moet immers geld verdiend worden. Dat is geen mensbeeld. Dat is handel. En wie het licht zoekt moet de bijbel maar gaan lezen, of de Koran. Welkom op aarde Jordi.

Egbert, 14 oktober 2008, 11:59

Journalisten mogen zichzelf inderdaad wel wat minder serieus nemen. Jammer alleen dat Jordi niet het goede voorbeeld geeft.

lia, 15 oktober 2008, 18:09

Journalisten zouden zichzelf wel eens wat minder serieus mogen nemen, schrijft Egbert. Ik zou juist willen zeggen, ze zouden zichzelf eens wat serieuzer moeten nemen. Dan hoeven ze hun ‘vorige oorlog’ namelijk niet meer via het vak uit te oefenen.

En aan Anne zou ik willen vragen: wat is journalistiek volgens jou wel?