Thomas Bruning: de redactie van Villamedia wordt betaald om haar eigen keuzes te maken
Als algemeen secretaris van de NVJ onderhandelt Thomas Bruning al ruim 25 jaar met machtige mediabedrijven, zet hij zich in voor betere arbeidsvoorwaarden en probeert hij de persvrijheid te beschermen. Over netwerken, ruggengraat tonen en de "pijnlijke beslissing" om te stoppen met Villamedia Magazine.
‘Loop maar even mee’, zegt Thomas Bruning (55), op weg naar de koffiemachine onderin het statige pand van de NVJ, vlakbij het Amsterdamse Museumplein. ‘Ik voel me altijd genoodzaakt om bezoekers meteen te vertellen dat we dit pand ooit voor 600.000 gulden konden kopen’, zegt hij, terwijl hij de machine bedient. ‘Anders denken journalisten wellicht: oei, gaat ons ledengeld daar iedere maand naartoe? Het valt qua hypotheek dus nogal mee, dankzij die slimme investering van destijds.’
Al ruim 25 jaar werkt Bruning voor de vereniging. Eerst als onderhandelaar en sinds 2006 als algemeen secretaris. Zijn liefde voor politiek, nieuws en rechtvaardigheid ontstond al vroeg. Opgroeiend in Delft - ‘of eigenlijk Pijnacker, maar bij Delft klinkt beter’ - las hij als 11-jarige de Volkskrant en de Haagsche Courant én luisterde stiekem naar Met het Oog op Morgen, wanneer hij eigenlijk moest slapen. ‘Ik had altijd interesse in politieke thema’s en rechtvaardigheid. Dat leidde ertoe dat ik rechten ben gaan studeren. Ik wilde iets goeds doen in de wereld, iets wat zou bijdragen aan rechtvaardigheid.’
Lees ook: Villamedia Magazine stopt - ‘Het vakblad gaat met de tijd mee’
‘NVJ drie keer gebeld, maar nooit wat teruggehoord’
Tijdens die studie komt hij in aanraking met mediarecht via zijn professor Gerard Schuijt, ooit ook algemeen secretaris van de NVJ. Voor zijn scriptie duikt Bruning in de juridische aspecten van het journalistieke interview. Vol vertrouwen stuurt hij na het afstuderen zijn scriptie naar de NVJ. ‘Ik had de verwachting dat ik met open armen zou worden ontvangen. Nou, ik heb drie keer gebeld, maar nooit wat teruggehoord.’ Als hij een paar jaar later bij een advocatenkantoor werkt en merkt dat hij zich niet thuis voelt vanwege de focus op commercieel gewin, ziet hij een advertentie voor een NVJ-onderhandelaar. ‘Toen dacht ik: ik ga het gewoon nog eens proberen.’
Waarom wil jij eigenlijk voor de goede zaak komen werken, wordt hem bij het sollicitatiegesprek wat kritisch gevraagd. ‘Mijn grote troef was dat mijn scriptie bij de NVJ lag. Toen ik daarop wees, was voor hen mijn motivatie duidelijk.’ Wel kwam er vervolgens een opvallende eis. ‘Ik moest plechtig beloven dat ik hier minimaal tien jaar zou werken.’
Voor DPG zat aan die overname een groot economisch belang. De fusie is doorgegaan, maar er liggen nu wel stevige garanties voor een blijvende onafhankelijkheid van de betrokken redacties. Dat proces heeft flink tijd gekost, waardoor het overnameproces anderhalf jaar duurde en ze miljoenen aan advocatenkosten hebben moeten maken. Dat wordt ons zeker niet in dank afgenomen
Waarom was die toezegging zo belangrijk?
‘Als onderhandelaar is kennis van de sector en het opbouwen van een netwerk essentieel. Je moet een spin in het web worden. Die meerwaarde kun je alleen opdoen door een flink aantal jaar die rol te vervullen. Als het gaat om onderhandelen, zijn wij altijd de underdog ten opzichte van grote mediabedrijven. Dan is het wel lekker als ik de meeste kennis heb aan tafel.’
Wat leerde je die eerste periode?
‘Dat het vooral gaat om het luisteren naar leden. In die eerste weken maakte ik meteen een beginnersfout. Zo bezocht ik een redactie en besloot eerst met de directeur in gesprek te gaan. Dat was de verkeerde volgorde. Je behartigt als vakbond de belangen van werknemers en moet dus eerst naar de redactie. Het is bovendien veel waardevoller als je daarna de kennis van de leden meeneemt naar de directeur.’
Jouw oud-NVJ-collega Dolf Rogmans noemt je een netwerker pur sang…
‘Een van de criteria als onderhandelaar en als algemeen secretaris is dat je op alle niveaus contact kan maken met mensen. Of iemand nu de CEO is of de jongste bediende. Het helpt dat ik vroeger veel heb gelift. Dan stap je de ene keer bij een vrachtwagenchauffeur in en de volgende keer bij een directeur. Zo leer je praten met allerlei soorten mensen.’
Hoe onderhoud je jouw netwerk?
‘Bij een zakelijke ontmoeting vraag ik iemand snel naar contactgegevens. Daardoor heb ik 6000 telefoonnummers in mijn telefoon, met geheugensteuntjes erbij. Regelmatig probeer ik mensen aan elkaar te koppelen. Dan hoor ik bijvoorbeeld over een vacature en geef ik een naam door van een goede journalist die net ergens ontslagen is. Proactief anderen helpen is ongelooflijk belangrijk bij het netwerken, dat onthouden mensen. Daarbij neem ik altijd de telefoon op.’
Je bent getrouwd en hebt twee zoons. Is je gezin altijd blij met die keuze?
‘Zeker niet, dat is soms best een aanslag geweest. Naarmate het aantal contacten groter wordt en de drempel bij sommige journalisten lager, was ik vaak in mijn vrije tijd aan het bellen. Vooral tijdens vakanties kon mijn gezin daar over klagen. Inmiddels ben ik wel wat wijzer op dit gebied. Ik kan mezelf in die periodes laten vervangen, want een collega kan het vaak net zo goed.’
Je kwam van een advocatenkantoor. Wat was het grootste verschil met de journalistiek?
‘Bij advocatenkantoren en in de klassieke muziekwereld - waar ik ook jaren heb gewerkt - is er een strikte hiërarchie. In de journalistiek zag ik juist veel zelfbestuur. In het begin van dit millennium had een uitgever weinig te zeggen op een redactie. Die stevigheid van redacties en hun onafhankelijkheid destijds vond ik een eyeopener.’
Die wereld is veranderd?
‘Lang leek het geld tegen de plinten te klotsen en was er veel vrijheid. Met de switch naar digitaal zag je dat de hoogtijdagen voorbij waren. Vanaf dat moment kwamen er steeds meer fusies en grote bedrijven. Nu zie je dat er een cultuur ontstaan is waarbij directies veel strakker op resultaat managen en dat grote mediabedrijven veel titels in handen hebben.’
Onlangs nog probeerden jullie te voorkomen dat RTL overgenomen zou worden door DPG…
‘Wij waren kritisch omdat mediaconcentratie de journalistiek en democratie kwetsbaar maakt. Voor DPG zat aan die overname een groot economisch belang. De fusie is doorgegaan, maar er liggen nu wel stevige garanties voor een blijvende onafhankelijkheid van de betrokken redacties. Dat proces heeft flink tijd gekost, waardoor het overnameproces anderhalf jaar duurde en ze miljoenen aan advocatenkosten hebben moeten maken. Dat wordt ons zeker niet in dank afgenomen.’
Lig je daar weleens wakker van?
‘Het is niet altijd prettig. Soms word je zelf ook onder druk gezet. In 2002 moesten we een cao afsluiten bij Cameo Support, dat Hart van Nederland maakte. Ik schreef in een brief de wensen van de werknemers op. De directeur stuurde een brief terug die over alle grenzen heen ging. Zo noemde hij me een kwaadwillende amateur. Ik schrok. Met lood in mijn schoenen ging ik naar mijn baas, Hans Verploeg. Die zei: “Thomas, dat heb je heel goed gedaan. Volhouden, niks van aantrekken.” Het hielp dat hij ruggensteun gaf en ik weet inmiddels dat je niet altijd iedereen tevreden kunt houden.’
Toen het in Gaza uit de hand liep, duurde het vrij lang voordat de NVJ zich uitsprak…
‘We hebben ons vanaf het begin uitgesproken over onze collega-journalisten, die daar vermoord werden. Tegelijk aarzelden we over de protestvorm. Bij een demonstratie is het onderscheid tussen de politieke kwestie en de strijd voor onze journalistieke collega’s immers niet altijd duidelijk. We hebben hele gewaardeerde leden bij De Telegraaf, maar ook bij De Groene Amsterdammer. Professionals die soms radicaal anders kijken naar bepaalde gebeurtenissen, dus in politieke kwesties willen we neutraal blijven.
Uiteindelijk besloten we toch meer kleur te bekennen, omdat brieven naar de ambassadeur onbeantwoord bleven en het vermoorden van collega’s bleef voortduren. Als dat gebeurt moet je je stem laten horen. Dat gaat over het opkomen voor journalisten. Dus hebben we bewust meegedaan aan de Rode Lijn-demonstratie, maar wel duidelijk zichtbaar voor de journalistieke zaak. Dat levert dan wel opzeggingen op.’
Terwijl het ledenaantal niet hard groeit…
‘We groeien wel onder jongeren, maar het vergt continue aandacht. Vroeger leek het vanzelfsprekender om je na de opleiding direct aan te sluiten bij de vakbond. Nu moeten we jongeren echt bewust maken van wat een vakbond kan betekenen. Dus zeggen wij: als wij één keer 1 procent meer uit kunnen onderhandelen in een cao, ben je eigenlijk je hele leven gratis lid.’
Nieuwe leden krijgen dit magazine niet meer cadeau…
‘Het stoppen met print vind ik pijnlijk. Ik vind het nog steeds een sterke manier om verhalen te vertellen, maar we willen ook meer met podcast, video en sociale media. Daarbij lopen de inkomsten van Villamedia terug, omdat het aantal vacatures op de website daalt. Een van de oorzaken is dat DPG ervoor heeft gekozen om geen vacatures meer te plaatsen. Onbegrijpelijk dat de grootste uitgever ervoor kiest om het Amerikaanse netwerkplatform LinkedIn te spekken, terwijl veruit de meeste journalisten op Villamedia komen.’
De inkomsten dalen, print stopt; hoe overleeft Villamedia dit?
‘Villamedia gaat door op een nieuwe website, waar verhalen over journalistiek een mooie plek krijgen. Een van de hoofdtaken van de vereniging is om leden mee te nemen in de ontwikkeling van het vak. Villamedia is daar de beste plek voor. We willen vooral investeren op de inhoud. Wat er speelt op de werkvloer, de dilemma’s en nieuwe kansen in het vak. En we kiezen heel bewust voor een strategie die niet draait om de clicks. Natuurlijk moet je ervoor zorgen dat je goed binnenkomt bij je doelgroep, maar we willen zeker niet dat Villamedia vooral stukken gaat maken die lekker aangeklikt worden.’
De NVJ betaalt Villamedia, terwijl de redactie onafhankelijk is. Bijt dat weleens?
‘De redactie wordt betaald om haar eigen keuzes te maken. Zo zijn we dit jaar heel hard bezig met het voortbestaan van de publieke omroep. Een Kamerlid was het grotendeels met ons eens en wilde graag een interview geven aan Villamedia over zijn motie. Dus belde ik hoofdredacteur Chris Helt en vroeg hem om het Kamerlid te interviewen. Hij zei heel keurig: “Goed idee, maar dat doen we niet. We willen niet voor het karretje gespannen worden van een Kamerlid.” Dat gaat dan in tegen mijn belang op zo’n moment. Maar het is belangrijk dat hij zo’n keuze maakt, omdat hij moet gaan voor de geloofwaardigheid van Villamedia.’
Jij hebt dagelijks te maken met de spanning tussen onafhankelijkheid en belangenbehartiging en tussen grote mediabedrijven en werknemers.Wat geeft je de meeste voldoening?
‘In deze baan kan ik bijdragen aan rechtvaardigheid, zoals ik al tijdens mijn studie wilde. Trots ben ik op het opzetten van PersVeilig voor de veiligheid van journalisten, de cao-acties waarbij we 10 procent loonsverhoging realiseerden en de omroepacties van laatst. En dan ben ik vooral blij met ons team en de actieve leden, die zich daarvoor inzetten.
Maar het zit ook in de kleinere dingen. Elke dag dat ik een journalist verder kan brengen tot bijvoorbeeld een betere onderhandelingspositie bij een nieuwe baan, is voor mij een vrolijke dag. Zolang ik daar lol in houd en mensen dat zien, blijf ik het graag doen.’
Thomas Bruning, 1970
Opleiding: Rechten, Universiteit van Amsterdam
Carrière: werkte eerder bij Sena (Stichting ter Exploitatie van Naburige Rechten), VvNO (Vereniging van Nederlandse Orkesten) en advocatenkantoor De Vos & partners.


Praat mee