— donderdag 25 november 2021 10:29 | 0 reacties , praat mee

Taaltip: Opzoek / op zoek

Taaltip: Opzoek / op zoek

Wat is juist: ‘Ik ben op zoek naar een baan’ of ‘Ik ben opzoek naar een baan’? Laatste wijziging: 25 november 2021, 10:29

‘Ik ben op zoek naar een baan’ is juist; de combinatie op zoek zijn naar wordt in losse woorden geschreven.

Op zoek zijn naar, op zoek gaan naar en op zoek blijven naar zijn allemaal woordgroepen met een spatie tussen op en zoek:
Ga op zoek naar werk!
Ik blijf op zoek naar dat ene voetbalplaatje.
Op zoek naar een baan?
Op zoek naar Mary Poppins.

In op zoek is zoek van oorsprong een zelfstandig naamwoord; op zoek zit dus net zo in elkaar als bijvoorbeeld op weg, op pad, op reis en op onderzoek.

Opzoek = werkwoordsvorm
Alleen als het een werkwoordsvorm is, is opzoek één woord, zoals in: ‘Wil je dat ik dat boek even voor je opzoek?’ Hier is het namelijk een vorm van het werkwoord opzoeken. Alle vervoegde vormen van dat werkwoord zijn één woord; het is bijvoorbeeld ook: ‘Ik wil graag dat je dat boek nu opzoekt’ en ‘Hij reisde naar Spanje, waar hij bekenden opzocht.’

Met de stam van het werkwoord opzoeken (opzoek) kunnen overigens allerlei samenstellingen worden gevormd: opzoekboek, opzoekfunctie, opzoekklus, opzoekwerk, enz.

Klemtoon
Wie nog steeds twijfelt tussen op zoek en opzoek, kan op de klemtoon letten: in op zoek ligt de klemtoon op zoek, in (dat ik) opzoek ligt hij op op.

Bekijk meer van

Taaltip
NVJ LID 26-05

Tip de redactie

Logo Publeaks Wil je Villamedia tippen, maar is dat te gevoelig voor een gewone mail? Villamedia is aangesloten bij Publeaks, het platform waarmee je veilig en volledig anoniem materiaal met de redactie kunt delen: publeaks.nl/villamedia

Praat mee