Taaltip: meerdere klemtoontekens
Als een woord of lettergreep nadruk moet krijgen, kan er een klemtoonteken op gezet worden, een streepje van linksonder naar rechtsboven: 'Ze heeft het écht gezegd', 'Dán pas?' Maar waar staat dat teken als de beklemtoonde lettergreep twee of meer klinkers bevat? In een lettergreep met een tweeklank of een dubbele klinker krijgen beide letters een accent, ongeacht of het om twee verschillende letters of om twee dezelfde gaat: 'Móét dat of zóú je het doen?', 'Ik heb géén idee', 'Dóé dat nu!', 'Nóú!', 'Láát maar!' Op de ij is het technisch vaak niet mogelijk zowel op de i als op de j een klemtoonteken te plaatsen; op de j kan het dan achterwege blijven: 'Ja, zíj!' Een derde klinker in een lettergreep krijgt geen klemtoonteken: 'níéuw', 'verschróéien', 'móói!' Maar een herhaalde letter of klank krijgt steeds een accent: 'Gááááf!', 'Gáúúúw!'


Praat mee
Reageren is niet mogelijk op dit bericht.