Opinie: De herkomst van het coronavirus is meer dan alleen een wetenschappelijke kwestie
Bij de discussie over de oorsprong van het coronavirus nemen media te veel het perspectief over van wetenschappers, betogen wetenschapsjournalisten Enith Vlooswijk en Stan van Pelt. Een forensische blik mist, waardoor een laboratoriumherkomst te weinig serieus wordt genomen.
‘Virologen zuchten diep’, kopt de Volkskrant, nu blijkt dat de Duitse geheime diensten al bijna vanaf dag één meenden dat het coronavirus uit een Chinees lab in Wuhan kwam. Bewijs openbaarden de diensten namelijk niet. Met alleen vermoedens kunnen we niets, zeggen wetenschappers in koor: ‘Het is weer het oude liedje.’ Lablekbeschuldigingen worden afgedaan als geopolitiek moddergooien, rancune of een complottheorie.
Want kijk je naar de wetenschappelijke publicaties over de herkomst, dan wijst alles erop dat het virus op de mens oversprong op de dierenmarkt in Wuhan. Daar is genetisch materiaal aangetroffen van zowel SARS-CoV-2 als van bevattelijke dieren, zoals wasbeerhonden en civetkatten. En ook veel eerste menselijke patiënten kwamen uit die buurt. Een lablek? Virologen vinden het vergezocht.
Zie hier in een notendop de analyse zoals je die meestal leest in de wetenschapsjournalistieke kolommen. Lablekclaims zijn niet onderbouwd; ga je af op experts en de academische vakliteratuur, dan lijkt corona puur natuur.
Belangen bij natuurlijke herkomst
Helaas gaat het daar wat ons betreft mis, en wel om verschillende redenen. Allereerst zien wij journalisten wetenschappers vaak te veel als onafhankelijke duiders. Dat terwijl persoonlijke belangen of tunnelvisie regelmatig wetenschappelijke inzichten beïnvloeden – onderzoekers zijn net mensen. Daar publiceren wij zelf geregeld over.
In de kwestie van de herkomst van corona moeten we hier extra alert op zijn. Bepaalde topvirologen hebben immers sterke belangen bij een zoönose, een natuurlijke herkomst. Zoönose-expert Peter Daszak, die in 2021 net als de Rotterdamse virologiehoogleraar Marion Koopmans meeging met de WHO-missie naar Wuhan om de virusherkomst op te helderen, had bijvoorbeeld innige samenwerkingen met het Wuhan Institute of Virology (WIV). En Amerikaanse wetenschapsorganisaties financierden deels het corona-onderzoek in Wuhan.
Mocht het virus een laboorsprong hebben, dan kan dit bovendien leiden tot striktere veiligheidsregels en misschien zelfs een verbod op bepaalde typen onderzoek. De Rotterdamse viroloog Ron Fouchier waarschuwde hier begin 2020 expliciet voor in emails die via de VS geopenbaard werden, maar in Nederlandse media geen enkele aandacht kregen. Terwijl zijn huivering goed is voor te stellen, want in 2011 ondervond hij dit zelf aan den lijve. Nadat hij een vogelgriepvirus besmettelijk voor zoogdieren had gemaakt, stelde Amerika prompt een jarenlang moratorium in op dit soort studies. Hetzelfde zou nu weer kunnen gebeuren.
In hoeverre dit soort belangen meespelen in de discussie over de herkomst van SARS-CoV-2, is een open vraag. Journalistiek gezien is die vraag echter zeer relevant, terwijl hij in de praktijk nauwelijks wordt gesteld. Ook slackberichten, waarin sommige internationale experts achter de schermen hun zorgen deelden over een mogelijk labongeluk, kregen in Nederlandse kranten en tijdschriften geen enkele aandacht.
Forensische blik
Voor de goede orde: het is logisch en ook wenselijk dat media bij virologen aankloppen voor duiding bij een virusuitbraak. Toch is er genoeg reden om verder te kijken dan de wetenschap. Mocht een lablek aan de orde zijn, dan kom je daar met puur wetenschappelijke instrumenten niet achter. Dat vergt een meer forensische blik. Bij een verdacht overlijdensgeval wordt niet alleen een arts, maar ook de recherche ingeschakeld. Net zo verwacht je in het geval van corona niet alleen wetenschappelijk zoönose-onderzoek, maar ook bioveiligheidsexperts die labs binnenstebuiten keren. Vaccinproducent Bilthoven Biologicals krijgt meteen de inspectie Gezondheidszorg en Jeugd over de vloer als polio wordt aangetroffen in het Bilthovense riool. Toch heeft een onafhankelijke inspectie van het WIV nooit plaatsgevonden, ook niet tijdens de WHO-missie.
Er blijven daardoor genoeg serieuze aanwijzingen voor een labherkomst die journalistiek gezien onvoldoende uitgespit zijn, ook al komen ze niet direct uit de wetenschappelijke literatuur. Met stip bovenaan staat de opvallende uitbraaklocatie: in Wuhan, precies om de hoek van een wereldberoemd coronalab, waar nota bene zorgen zouden zijn over de veiligheid. Maar denk ook aan een uitgelekt WIV-onderzoeksvoorstel om SARS-achtige virussen besmettelijker te maken. Toch lopen redacties weinig warm voor artikelen hierover, merken wij.
We hebben een kritischere blik nodig op de herkomst van corona die verder kijkt dan de wetenschappelijke consensus. Dat zijn journalisten aan hun beroepseer verplicht én aan de tientallen miljoenen coronadoden. Ook de wetenschap is een macht die gecontroleerd dient te worden. Wellicht brak de pandemie uit door besmetting op een markt. Maar blijkt corona ooit toch een labongeluk, dan staan we enorm in ons hemd, met alle gevolgen van dien voor het vertrouwen in de journalistiek.
Stan van Pelt (1978) is gepromoveerd bioloog en wetenschapsjournalist.
Enith Vlooswijk (1974) is antropoloog en wetenschapsjournalist.


Praat mee