Er gaat een streep door groot deel van nieuwe zzp-wet, maar wat betekent dit?
Kortgeleden werd bekend dat het kabinet daadwerkelijk een streep zet door een groot deel van de VBAR-wet, die moet afbakenen welk werk als zelfstandig ondernemer kan worden gedaan. Er komt een nieuwe wet voor in de plaats die moet leiden tot meer zekerheid voor bijvoorbeeld freelancejournalisten die als zzp'er willen werken. Maar wat betekent dit eigenlijk concreet?
Een relevant element van de VBAR blijft wél gelden: het rechtsvermoeden van werknemerschap. “En dat kan voor de journalistieke praktijk, waar vaak relatief lage uurtarieven gelden, impact hebben”, meldt NVJ-secretaris Milen van Boldrik (foto).
Het rechtsvermoeden van werknemerschap betekent volgens Van Boldrik “dat freelancers die onder een bepaald uurtarief werken, eenvoudiger werknemersrechten kunnen claimen. Ook wanneer er formeel sprake is van een opdrachtovereenkomst, gaat de wet er dan vanuit dat er mogelijk een arbeidsovereenkomst is. In dat geval moet de opdrachtgever aantonen dat er daadwerkelijk sprake is van zelfstandig ondernemerschap. Op dit moment is het nog zo dat de bewijslast nog bij de zelfstandige ligt, dus die omkering van de bewijslast is een grote verandering.”
Het richtbedrag dat in het coalitieakkoord wordt genoemd als uurtarief ligt op ongeveer 38 euro per uur. Dit bedrag is opgebouwd uit kosten die een freelancer nodig heeft om bijvoorbeeld een pensioen op te bouwen, een verzekering tegen arbeidsongeschiktheid af te sluiten en werkzaamheden te financieren die niet onder de zogeheten declarabele uren vallen. Denk dan aan het bijhouden van de administratie en het zoeken naar nieuwe opdrachten.
Dit richtbedrag groeit mee met het minimumloon en opdrachtgevers die minder betalen lopen een juridisch risico.
De nieuwe Zelfstandigenwet
Het deel dat uit de VBAR-wet is geschrapt wordt ingeruild voor de Zelfstandigenwet. Deze wet wordt gehandhaafd door middel van twee toetsen; de zelfstandigentoets en de werkrelatietoets.
De zelfstandigentoets heeft als doel om te bewijzen dat een ondernemer ook echt onderneemt en kijkt bijvoorbeeld naar: “inschrijving bij de Kamer van Koophandel, meerdere opdrachtgevers, ondernemersrisico en investeringen, voorzieningen voor pensioen en arbeidsongeschiktheid”.
Met de werkrelatietoets wordt inzicht geboden in de werkrelatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. “Is er vrijheid in tijd en uitvoering van het werk? Is er geen hiërarchische aansturing? Wordt gestuurd op resultaat in plaats van op de manier van werken?”
Vallen beide toetsen positief uit, dan wordt de ondernemer als zelfstandige beoordeeld.


Praat mee