Rechter roept NRC-journalisten op in strafzaak naar lek in onderzoek Arib: ‘Slecht signaal’
De rechtbank in Den Haag heeft twee NRC-journalisten opgeroepen om te getuigen in een strafzaak tegen een voormalig woordvoerder van oud-Kamervoorzitter Vera Bergkamp. Deze woordvoerder wordt ervan verdacht in 2022 vertrouwelijke informatie over het opzetten van een onderzoek naar Bergkamps voorganger Khadija Arib te hebben gelekt. NRC-hoofdredacteur Patricia Veldhuis zegt in haar krant de brief van de rechtbank af te wachten.
“We staan achter onze journalistiek. Zoals altijd zullen onze redacteuren niets zeggen wat bronbescherming, een journalistiek basisprincipe, raakt”, vervolgt Veldhuis in de krant.
Centraal in deze zaak staat een publicatie van NRC van 28 september 2022, geschreven door NRC-journalisten Lamyae Aharouay en Hugo Logtenberg. De rijksrecherche concludeerde na eigen onderzoek dat de journalisten destijds beschikten over informatie, die nog niet officieel bekend was gemaakt.
‘Teleurstellend’
Het Openbaar Ministerie (OM) is het oneens met de rechtbank om de journalisten als getuigen op te roepen. Volgens het OM hebben zij verschoningsrecht. Bovendien beschikken journalisten over een wettelijk brongeheim. Maar de voorzitter van de rechtbank ging daar eerder deze week niet in mee.
“Teleurstellend” en een “slecht maatschappelijk signaal” oordeelt algemeen secretaris van de NVJ Thomas Bruning daarover.
“Bij journalisten valt in de rechtbank niets te halen, dat weet je ook van tevoren. Maar het werkt toch altijd intimiderend om journalisten op te roepen. De rechter kan ook zeggen: ik ga niet mee in zo’n verzoek. Dat is een krachtiger signaal en gewoon helder.”
Werkwijze
Het idee om de journalisten op te roepen is afkomstig van Robert Malewicz, de advocaat die de vervolgde woordvoerder bijstaat in deze zaak. Hij zou vooral benieuwd zijn naar de werkwijze van de journalisten, maar niet naar hun specifieke bronnen. Malewicz zou hiermee willen aantonen dat de informatie die gepubliceerd is uit verschillende hoeken afkomstig zou kunnen zijn.
Het onderzoek naar Arib werd ingesteld na anonieme klachten over grensoverschrijdend gedrag door Arib in haar tijd als Kamervoorzitter tussen 2016 en 2021. Arib was daar woest over en stopte kort na de aankondiging als Kamerlid voor de PvdA.


Praat mee