Amsterdamse gemeenteraad wil monument om verzetsverleden van Het Parool te eren
Op de plek waar tijdens de Tweede Wereldoorlog verzetskrant Het Parool werd gedrukt, moet een monument of een gedenkteken komen. Dat vindt het stadsbestuur van Amsterdam. Een meerderheid van de partijen heeft het college van burgemeester en wethouders verzocht om een onderzoek te starten naar de haalbaarheid van het plan, schrijft Het Parool.
Op de Nieuwezijds Voorburgwal nummer 160 in Amsterdam verscheen in 1941 de eerste gedrukte krant van Het Parool. De makers hadden hier natuurlijk geen toestemming voor van de Duitse bezetter. Oprichters en medewerkers werden gedurende de oorlog dan ook gearresteerd, gevangengezet en velen ook gefusilleerd.
‘Moed moet zichtbare plek krijgen’
Het is dit jaar 85 jaar geleden dat het eerste illegale nummer van de drukpers rolde. Het Parool besteedt hier veel aandacht aan, onder andere met een artikel over de verschillende plekken waar de krant werd gemaakt. Dit inspireerde de Amsterdamse PvdA-fractievoorzitter Lian Heinhuis om het initiatief voor het opzetten van een gedenkplaats te nemen.
“De moed die de journalisten en verzetsstrijders hebben getoond door Het Parool in bezettingstijd te beginnen, moet een zichtbare plek krijgen in de stad. Zo blijven we ons bewust van hun heldhaftigheid tijdens de Tweede Wereldoorlog en van het belang van een vrije pers voor een democratie.”
Het college moet nu onderzoeken wat de mogelijkheden zijn, voordat de gemeenteraad uiteindelijk een besluit zal nemen over de haalbaarheid van het initiatief.
Michiel Couzy, die samen met Jildou van der Bijl de hoofdredactie van het huidige Parool vormt, is blij met de steun voor het plan: “We zijn verheugd dat een ruime meerderheid van de gemeenteraad de geschiedenis van Het Parool op deze manier wil eren. Wij zijn trots op ons verleden en juist in deze tijd waarin persvrijheid onder druk staat, is het belangrijk om stil te staan bij het belang van onafhankelijke journalistiek. Een zichtbare herinnering aan het verzetsverleden van Het Parool kan hieraan bijdragen.”


Praat mee